Millecam

Hierboven werd reeds een aantal keren verwezen naar het overlijden van de actrice Sylvia Millecam. Zij overleed op 21 augustus 2001 op de leeftijd van 45 jaar aan borstkanker. Heel Nederland, en in het bijzonder het reguliere medische circuit, stond op z’n kop. Met veel bombarie werd het nieuws via radio en TV naar buiten gebracht. Het leek erop alsof het plafond uit de hemel was gevallen. Op werkelijk ongekend buitensporige en onbeschaamde wijze, met ontoelaatbare schending van het medische beroepsgeheim, werd door de inspectie en de antikwakkers de dood van mevrouw Millecam volledig in de schoenen van het alternatieve circuit geschoven. In een rapport van de inspectie werd mevrouw Millecam afgeschilderd als een wanhopige patiënte die allerlei alternatieve therapieën uitprobeerde en ondertussen haar kans, aldus wordt beweerd, op genezing verspeelde.

Met deze bewering wordt op hautaine wijze geïnsinueerd dat men in het reguliere circuit deze patiënte wel zeer zeker van een wisse dood had kunnen redden. Derhalve dringt zich direct de vraag op waaruit het welslagen van deze reddingsactie dan wel had moeten bestaan?

Bij een aantal andere prominente Nederlanders, zoals Guusje Nederhorst die ook aan borstkanker leed en Johan Stekelenburg met slokdarmkanker, om maar eens enkele voorbeelden te noemen, waren de reguliere reddingsacties in elk geval weinig succesvol.
Niettemin, rondom de dood van mevrouw Millecam werd en wordt ook nu nog steeds alles uit de kast gehaald om het alternatieve circuit volledig te vermorzelen.

Een aantal alternatief werkende geneeskundigen is intussen aangeklaagd. Met deze actie eist de inspectie op onaanvaardbare wijze het exclusieve recht op om zowel de diagnostiek als de behandeling van mensen met kanker uitsluitend aan het reguliere circuit toe te staan. Tegelijk wordt aan de patiënt in het vervolg de mogelijkheid ontnomen om op legitieme wijze zelf te bepalen op welke wijze hij of zij met zijn of haar eigen gezondheid, zijn of haar ziekte en zijn of haar sterfelijkheid wil omgaan.

Wij keren thans weer terug naar de dood van mevrouw Millecam en stellen vast dat een aantal aspecten in alle beschouwingen over haar overlijden weinig of geen aandacht heeft gekregen.
Zo is daar het gegeven dat deze intelligente vrouw, die wel degelijk bijzonder goed wist wat ze deed, een buitengewoon diep wantrouwen tegenover reguliere artsen had omdat bij haar eigen vader, let wel, geheel ten onrechte de diagnose kanker was gesteld en daarom geheel ten onrechte met chemotherapie werd behandeld. Er was bij haar vader namelijk sprake geweest van een simpel te bestrijden infectie. De goede man overleed kort na behandeling.
Wat is hierop het antwoord antikwak?

Wordt de arts of worden de artsen die hier de verkeerde diagnose kanker hebben gesteld en vervolgens de patiënt met afschuwelijk gif op gruwelijke wijze de dood in hebben gejaagd, ook alsnog juridisch vervolgd? Is hier ook sprake van dood door schuld?

Mij dunkt van wel en naar mijn mening zou vervolging wel heel correct zijn en zou elke associatie met klassenjustitie de kop indrukken. De alternatieve therapeuten moeten daarentegen als misdadigers voor de rechter worden gesleept. Dat ze met hun visie en therapeutische benadering dichter bij de waarheid zaten dan die reguliere paniekzaaiende blaaskaken, die gebogen over haar graf nog durfden te beweren dat ze haar wel hadden kunnen redden, wordt nergens vermeld.

De opvattingen van de alternatieve therapeuten waren, voor zover ik dat uit een en ander kan opmaken, geheel conform de theorie van de Amerikaanse biofysica en biologe dr. Hulda Regehr Clark. Bij haar werkhypothese legt dr. Clark het accent op het gegeven dat alle ziekten door micro-organismen en vervuiling, gif en parasieten worden veroorzaakt. Met door haar samengestelde natuurlijke geneesmiddelen en met behulp van een zogenaamde ‘Zapper’, een elektronisch apparaat om aan het lichaam bepaalde frequenties toe te dienen, wordt het elimineren van de vervuiling mogelijk en de kans om de ziekte te overwinnen vergroot. Bovendien verbeterd de algemene conditie van de patiënt.

Mevrouw Millecam voorvoelde vast en zeker het onvermijdelijke en koos, indachtig haar vader, voor de alternatieve behandeling en bejegening. Daardoor en waarschijnlijk alleen daardoor heeft deze mevrouw, ik ben er zeker van, nog langer dan in feite mogelijk was, geleefd. Bovendien moet zij op de hoogte zijn geweest van de opvatting dat men met chemotherapie en bestraling volledig gezonde mensen doodziek kan maken en men er derhalve iemand die reeds doodziek is, er zeker niet beter mee kan maken. Dit behoeft verder absoluut geen betoog. Het is logisch, duidelijk en waar. Het is misschien net zo waar als de opvatting van de Amerikaanse statisticus Jones, die stelt dat de levensverwachting van niet behandelde patiënten met kanker beter is dan van wel regulier behandelde patiënten.

Verder dienen we hier ook even stil te staan bij het feit dat mevrouw Millecam reeds tien jaar voor haar dood, om precies te zijn in 1991 siliconen borstimplantaten had gekregen. Met betrekking tot deze implantaten, officieel implanteerbare siliconenborstprotheses genoemd, adviseerde in januari 1992 de Food and Drug Administration van het ministerie van Volksgezondheid in de Verenigde Staten om deze implantaten niet meer te gebruiken. Dit vanwege het feit dat nog steeds niet bewezen was dat deze protheses geen borstkanker zouden kunnen veroorzaken. De implantaten, die waarschijnlijk het kwaadaardige polyurethaan hebben bevat, werden wellicht toch, er was immers toen nog geen negatief advies, in 1991 door een plastisch chirurg van het Kennemer Gasthuis in Haarlem ingebracht.
Het hoofd van de afdeling PR & Patiëntenvoorlichting van dit ziekenhuis laat jaren later weten dat destijds geen polyurethaan bevattende protheses zijn ingebracht. Hoe weet men dat zo zeker? Is dit nader onderzocht? Door wie dan wel? Heeft registratie van soort en herkomst van de bij mevrouw Millecam toegepaste siliconenprotheses plaatsgevonden? Ik ben zo vrij dit hele verhaal van het ziekenhuis ernstig in twijfel te trekken. Het is erg aannemelijk dat door deze siliconenborstprotheses de basis voor de ontwikkeling van de borstkanker bij mevrouw Millecam is gelegd.

Natuurlijk zal men dit, evenals dit bij het hieronder nog nader te bespreken giftige amalgaam, volledig ontkennen. Door het reguliere circuit werd mevrouw Millecam diep in de sloot geduwd en vervolgens gaat datzelfde circuit tegenover een breed publiek staan te schreeuwen dat men haar wel had kunnen redden.

Het klootjesvolk werd via alle beschikbare media opgehitst en de veelal zeer gewetensvolle en zeer zeker intens betrokken alternatieve therapeuten werden geheel ten onrechte diep door het slijk gehaald. Echter, het klootjesvolk werd niet geïnformeerd over de afschuwelijke dodelijke en onbeschrijfelijk dramatische blunder die het reguliere circuit bij de vader van mevrouw Millecam had veroorzaakt.

Daarom was mevrouw Millecam doodziek en kopschuw van het gevestigde reguliere circuit. Evenmin werd aan het klootjesvolk medegedeeld dat mevrouw waarschijnlijk carcinogene, kankerverwekkende siliconenprotheses had gekregen waarbij lekkage en of scheuring niet kon worden uitgesloten. En evenmin werd er aangekondigd dat er ook een gedetailleerd onderzoek naar de gang van zaken binnen de plastische chirurgie zal plaatsvinden en dat er ook alsnog aangifte zal worden gedaan tegen de artsen die haar vader met onnodig gif zo zwaar hebben mishandeld.

Maar waarschijnlijk is het zo antikwak, dat het behandelen van mensen met kanker niet meer of minder is dan gewoon ‘big business’, verpakt en gelardeerd met een dubieus laagje nepwetenschap ten behoeve van wanhopige, goedgelovige zieke parochianen. Een gewone commerciële markt, waarop alternatief werkzame therapeuten niet worden geduld. Waarom moeten we om deze realiteit blijven heen draaien? Het is gewoon de waarheid en niet anders dan de waarheid! Cynisch heeft er wel eens iemand gezegd, dat er aan patiënten met kanker meer verdient wordt dan dat er aan dood gaan. Ik ben volledig bereid dit te geloven. En bij dat verdienen, lopen de alternatieve genezers behoorlijk in de weg.

Bij de vereniging ‘Steunpunt voor Vrouwen met Siliconenimplantaten’ (SVS), hebben zich meer dan 5000 vrouwen met medische klachten gemeld. Verder zijn er zo’n 120 kinderen van moeders met siliconenprotheses die op zeer jonge leeftijd al allerlei lichamelijke klachten hebben. Een op de vier vrouwen krijgt binnen vijf jaar de zogenaamde ‘siliconenziekte’ (Silicone Related Disease}. De verschijnselen betreffen spier- en gewrichtsklachten, diverse neurologische afwijkingen, extreme vermoeidheid, schildklier – en alvleesklierstoornissen en onder andere huidafwijkingen en allergische reacties.
Ware het inbrengen van siliconenprotheses een ingreep die door alternatieve artsen zou zijn gedaan, dan zou daar reeds vanaf het eerste moment een verbod op zijn gaan rusten. Maar nee hoor, nu niet, elke week krijgen er in ons land nu om en nabij de veertig vrouwen siliconenborsten. Derhalve, moet ik thans concluderen dat het toch buitengewoon kwalijk is dat de afdeling plastische chirurgie van het genoemde ziekenhuis voor nader onderzoek volledig buiten schot is gebleven.

Het inbrengen van siliconen moet naar mijn mening als een actie worden beschouwd die op elk moment tot levensbedreigende kwaadaardige reacties in het lichaam kan leiden. Binnen acht tot maximaal vijftien jaar gaat zo’n prothese lekken en/of scheuren. En rondom de lekkage of de inscheuring kan door een diversiteit van pathogene micro-organismen een enorme infectie ontstaan. Hoe weet men zo zeker dat mevrouw Millecam van al deze siliconenreacties gevrijwaard is gebleven?

Mevrouw moet alleen al van de vergiftiging door de siliconenprotheses doodziek zijn geweest. Of het geconstateerde knobbeltje in haar borst wel of niet kwaadaardig was laat zich slechts raden. Hoe weet men dat zo zeker? Heeft men biopsie gedaan en zo ja, hoe weet men dan ook zo zeker dat men daarmee door het ‘trigger-effect’ ook geen uitzaaiingen heeft veroorzaakt? Of wellicht waren er reeds uitzaaiingen?

Uit een interview met de representanten van de vereniging SVS blijkt dat mevrouw Millecam het absoluut noodzakelijk vond om alle vrouwen voor de schadelijke gevolgen van siliconenimplantaten te waarschuwen. Ook haar vriend, was voornemens om geheel conform de wens van zijn vriendin het negatieve verhaal over siliconen in de publiciteit te brengen.

Het is echter, ter voorkoming van het allerwegen optreden van alleszins terechte paniek, erg aannemelijk dat hem het zwijgen is opgelegd. Het is dan ook wel wat al te gemakkelijk om thans te beweren dat mevrouw Millecam door het consulteren van alternatief geneeskundigen de kans op genezing verspeelde.

Maar natuurlijk antikwak, zit de vork ook hier weer heel anders in de steel. Mevrouw Millecam was immers een bekende Nederlander die op grond van strikt persoonlijke opvattingen haar heil zocht, gelijk zoveel andere gewone Nederlanders doen, in de alternatieve geneeskunde. En daarom beweren kwade geesten, zonder haar eigen en in elk opzicht verantwoorde beslissing te respecteren, dat ze daardoor haar geluk op genezing volledig verspeelde. Het getuigt van een ongekende vorm van hoogmoed en een grenzeloze minachting van haar standpunt.

Thans volgen er hier nog een aantal opmerkingen over het behandelen van kanker. Vanzelfsprekend kan men alternatief evenmin als regulier kanker genezen. Er is echter wel een verschil. Gedurende een alternatieve behandeling is er tijdens de therapie voortdurend sprake van een veelal alleszins acceptabele kwaliteit van leven. Een toch als zeer belangwekkend te duiden verschil. Mevrouw Millecam is zich van dit laatste wel degelijk bewust geweest. En gelijk haar moeder en partner, zou deze geweldige vrouw alle bij haar ziekte betrokken therapeuten zonder enige vorm van blaam van alle kwalijke beschuldigingen hebben vrijgepleit.

En, ook dit nog even. In het Radboud Ziekenhuis in Nijmegen zou mevrouw Millecam aan een van de artsen hebben toevertrouwd dat ze ‘fout heeft gegokt’ door de reguliere geneeskunde af te wijzen en geheel voor de alternatieve behandelingen te hebben gekozen. Hoe betrouwbaar is een dergelijke oncontroleerbare mededeling en hoe buitengewoon indiscreet om een dergelijke vertrouwelijke, op haar sterfbed, gedane mededeling op straat te brengen. Maar, weet u wat de vader van mevrouw Millecam misschien op z’n sterfbed wel heeft gezegd?

”Ik heb hartstikke verkeerd gekozen. Ze hebben me nodeloos vergiftigd! Ik word door een afschuwelijke medische blunder de dood ingejaagd.”

Was er aanvankelijk veel negativiteit over de alternatieve behandelingen in relatie tot de dood van mevrouw Millecam, thans lijkt de wal het schip te keren. Patiënten die nu kanker hebben, vragen zich af, waarom deze bijzondere, talentvolle en bij velen zo geliefde spontane vrouw uiteindelijk toch voor de alternatieve weg koos? Dat moet deze vrouw toch wel degelijk weloverwogen hebben gedaan? Die vrouw was toch niet gek?

En, ongeremd en op schaamteloze wijze wordt deze dode vrouw alsnog gebruikt, of zo men wil misbruikt, om het onzinnige gelijk van het reguliere medische circuit zelfs juridisch bevestigd te krijgen. Een sluw spel, omlijst met de macabere franjes van de dood. Maar, naar mijn mening verdient mevrouw Millecam postuum een geweldig standbeeld, omdat ze de euvele moed, het lef, heeft gehad om hulp in de alternatieve geneeskunde te zoeken. Eigenlijk een voortreffelijke keuze.
Zeker bezien in het licht van de opvattingen over oncologie zoals de auteur Greenberg die destijds in de New Scientist publiceerde. Hij stelde namelijk, dat in de oncologie patiënten worden geintoxiceerd met cytostatica en radiotherapie en met het lancet worden verminkt, in een wanhopige poging om het onbehandelbare behandelbaar te maken. Het is de bekende drie-eenheid van ‘cut, burn and poison’ (snijden, verbranden en vergiftigen). In haar boek ‘Ziekte als spookbeeld’, zegt Susan Sontag, dat de behandeling van kanker erger is dan de ziekte zelf.