Pulpbundels en fouten

Thans keren wij hier weer terug naar de bedompte en kille sfeer van de met weinig fantasie geschreven pulpbundel en constateren met verbijstering dat in dit geschrift met als titel: “Dwaalwegen in de Geneeskunde” op pagina 64 wordt gesteld dat:

‘Een uitgebreidere beschouwing over de schadelijkheid van alternatieve geneeswijzen buiten het bestek van dit boek valt.’

Maar nee, dit kan toch niet! Hier breekt mij de klomp! Hier zakt mij de broek van af! Midden in een poging om op gloedvolle wijze de alternatieven een zeer gevoelige en alles verpletterende slag toe te dienen laat antikwak het volledig afweten. Hier is sprake van het ultieme braakmiddel. Dit is ‘Zum Kotzen.’

Hier gaat antikwak volledig de mist in. Wel roept deze uitschuiver van antikwak, waarmee hij vervolgens de essentie van zijn hele boek volledig ontkracht, een aantal vragen op. Vragen, die ik destijds aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg naar aanleiding van het jaarrapport 2001 heb gesteld en nu ook aan antikwak zou willen stellen. In dit rapport staat namelijk te lezen, dat het een van de oudste taken van de Inspectie is om in te grijpen bij risicovolle vormen van alternatieve geneeskunde, anders gezegd, ingrijpen bij gevaarlijke kwakzalverij.
Welaan, wat zijn dan die risicovolle vormen van alternatieve geneeskunst? Waar zijn dan de doden of zwaar beschadigde slachtoffers van deze vorm van geneeskunst? Kom dan met feiten of zwijg en schaam u over de minimaal duizend patiënten die, zoals in dit rapport staan beschreven, als gevolg van reguliere medische fouten in 2001 om het leven kwamen. Verder kwamen er gedurende hetzelfde jaar bijna honderd meldingen binnen over vermijdbare fouten die tot het overlijden van patiënten hebben geleid.

Maar, aldus Herre Kingma, Inspecteur-generaal voor de gezondheidszorg, is dit slechts het topje van de ijsberg. Ergo, de gelegaliseerde kwakzalverij binnen het reguliere circuit is aanzienlijk risicovoller en van een veel grotere omvang en importantie dan de binnen de alternatieve geneeskunst gesignaleerde kwakzalverij.
Dat alles laat antikwak in zijn geschrift over nota bene ‘Dwaalwegen in de geneeskunde’, volledig onbesproken. Dat is vuig en ondermaats en tegelijk je reinste vorm van volksverlakkerij. Derhalve, wil ik hier volgaarne een aantal zaken, ter wille van antikwak, nog eens scherp in herinnering brengen. Zeker duizenden en nog eens duizenden mensen worden er per jaar in Nederland het slachtoffer van een medische fout.

En vele honderden sterven aan de gevolgen van deze geneeskundige blunders. Ze kosten de Nederlandse belastingbetaler jaarlijks het lieve sommetje van 1,4 miljard Euro.
Je zou bijna blij moeten zijn als de medische sector besluit om te gaan staken, want zoals in 1973 in Israël gebeurde, toen alle artsen gedurende een maand staakten, stierven er in die maand volgens de Vereniging van Begrafenisondernemers in heel Israël 50% minder mensen.

Ook in Bogota (Columbia) verdwenen gedurende 52 dagen alle artsen van het toneel. Er stierven in deze periode 35% minder mensen. In Los Angeles en omgeving stierven er tijdens een artsenstaking 18% minder mensen. Er werden in deze periode 60 % minder operaties uitgevoerd. Maar, in de plaats van blij te zijn met staken is de Universiteit van Tilburg hartstikke blij met al die medische blunders, want daar stellen ze: “Medische missers kunnen funest zijn voor patiënten, maar ze vormen de ultieme bron van leerstof voor artsen en verpleegkundigen.”

Wie heeft het ooit zo zout gegeten? Maar ja, wat maakt het uiteindelijk uit? De een z’n dood is immers de ander z’n brood. In het reguliere medische circus lijkt hier ook ethisch niets mis mee! Hier worden gewoon dingen recht geluld die meer dan krom zijn!
Wie sprak er ook alweer over ‘Dwaalwegen’ antikwak?Jaarlijks lopen er in Nederland circa 25.000 (= vijfentwintigduizend) mensen onnodig, soms zeer ernstig, letsel op in ziekenhuizen;

  • Jaarlijks worden er in Nederland meer dan 50.000 (=vijftigduizend) mensen in een ziekenhuis opgenomen tengevolge van ongewenste effecten van geneesmiddelen;
  • Jaarlijks overlijden er in Nederland circa 3000 (= drieduizend) mensen aan infecties die ze in het ziekenhuis hebben oplopen;
  • Men schat verder, dat er in het reguliere medische circuit jaarlijks nog circa 6000 (= zesduizend) onnodige doden te betreuren zijn waar geen haan naar kraait.

In dit verband herinner ik hier aan de excellente en nimmer overtroffen inaugurele rede van Prof. dr. B. Smalhout, in 1972, bij de aanvaarding van het hoogleraarschap, met als titel: ’De Dood Op Tafel‘. De titel van een andere rede zou thans: ‘De Dood Onder Tafel’, met het accent op ‘Onder’, kunnen zijn. Overigens jammer van al die ondergeschoven doden, want daar kan men volgens hedendaagse opvattingen nog zoveel van leren. Wellicht is het nu even tijd om te kotsen en daarna even diep en rustig door te ademen om het volgende verhaal diep en gedetailleerd op u te laten inwerken. Het gaat ook alweer over doden.