Revius

Mensen, die grensoverschrijdend hebben gekeken naar andere opvattingen, naar andere manieren van genezen. Mensen die duidelijk hebben onderkend dat het reguliere westerse medische denken, dat nog maar sedert 1865 bestaansrecht heeft, niet de enig zaligmakende vorm van genezen is. Bovendien is deze westerse vorm van genezen buitengewoon eenzijdig en vrijwel uitsluitend orgaangericht. De gehele mens komt nauwelijks aan bod.

In 1865 werd via de wet van Thorbecke bepaald dat uitoefening van de geneeskunst slechts was toegestaan aan hen die de voorgeschreven universitaire opleiding hadden genoten. Voor een monopolist als antikwak een met dictatoriale trekken gelardeerde gouden regel.

Edoch, nog voor het in werking treden van deze wet was er zeer terecht reeds volop kritiek op de voorgestelde maatregel. Zo schreef Revius in 1864 het volgende:

‘Het monopolie der geneeskunst is klaarblijkelijk ingesteld met het doel om de ingezetenen tegen kwakzalverij te beschermen. De wet geeft de burger vrijheid zijn godsdienst te kiezen, de opvoeding van zijn kinderen te regelen, zich aan gevaren bloot te stellen in kruit-, stoom- en andere fabrieken, doch hij mag zijn zieke lichaam niet toevertrouwen aan de geneesheer van zijn keuze, hij mag geen vertrouwen stellen in enige geneeswijze die niet door de monopolisten is goedgekeurd zonder medeplichtig te worden aan een overtreding van de wet. Die toestand druist in tegen alle reden, recht en billijkheid.’

Aan dit bezwaarschrift, dat volledig indruist tegen de opvattingen van antikwak en vandaag de dag geschreven had kunnen zijn, wordt nergens in het proefschrift gerefereerd. Naar mijn mening niet zomaar een kleine omissie, maar gewoon een ongelooflijk domme blunder.
Het achterwege laten van een dergelijk hard feit, maakt hetgeen antikwak voortdurend wil betogen op nauwelijks te verhullen wijze suspect voor manipulatie van andere standpunten.

Vanzelfsprekend dient de mensheid beschermd te worden tegen beunhazerij en malafide praktijken. Zelfs een Vereniging tegen de kwakzalverij kan dan recht van bestaan hebben.
Maar, zoals de journalist R. Steenhorst destijds in ‘De Telegraaf ‘ (27-03-1999) volledig terecht betoogde:

“….met Renckens aan het roer, schiet de vereniging inmiddels aan haar doel voorbij. Renckens heeft oogkleppen aan zijn bril geschroefd. Hij is mordicus tegen elke vorm van alternatieve geneeskunde. Sterker: hij vindt het géén geneeskunde. Hij vindt het niets, noppes, niente. Er is maar één geneeskunde die deugt en dat is de reguliere, houdt hij vol. De geneeskunde dus die hijzelf uitoefent.
Dat patiënten, bijvoorbeeld mensen met kanker, zich prettiger voelen bij een bepaalde behandeling of dieet interesseert Renckens in het geheel niet. Zij kunnen daarover niet oordelen, meent hij. Hij wel….(……..).

Als de anti-kwakzalvers geloofwaardig willen blijven, moeten zij zich snel ontdoen van Cees Renckens.”